Nietszeggende beantwoording Kamervragen

Minister Bussenmaker heeft zich met een jantje-van-leiden afgemaakt van Kamervragen over de promotie van Karima Kourtit. “Op grond van de door de Vrije Universiteit verstrekte informatie ben ik van mening dat door betrokkenen zorgvuldig is besloten de promotie doorgang te doen vinden”, schrijft zij vandaag in antwoord op vragen van PVV-Tweede Kamerlid Harm Beertema. Deze ‘informatie’ van de VU is slechts een herhaling van wat allang bekend was, namelijk dat de VU de mogelijke datafraude heeft laten toetsen door de leescommissie. Deze commissie was daar om meerdere redenen ongeschikt voor, onder meer omdat de onafhankelijkheid van de leden niet boven elke twijfel verheven was. Ook heeft de VU nooit duidelijk gemaakt hoe deze commissie de integriteit van de data heeft getoetst. Uit de brief van de minister blijkt niet dat haar ambtenaren daar opheldering over hebben gevraagd. Ook gaat de minister er in de brief aan voorbij dat de VU het eigen reglement wetenschappelijke integriteit heeft geschonden door een deel van de anonieme klacht over mogelijke datafraude niet-ontvankelijk te verklaren zonder inachtneming van de beroepstermijn.

De minister moet nog maar eens een scherpere ambtenaar naar Amsterdam-Buitenveldert sturen, die zich niet door een nietszeggende uitleg in zomerslaap laat sussen.

 

Raad van Toezicht VU in discussie met CvB over zaak-Kourtit/Nijkamp

Chemicus Eduard Klasen nam in de jaren negentig het initiatief voor het opstellen van het eerste academische document over de aanpak van wetenschapsfraude in Nederland. Hij was voorzitter van een werkgroep van NWO, KNAW en VSNU die in 1995 de Notitie inzake Wetenschappelijk Wangedrag publiceerde. Daarin stonden onder meer globale procedures om de beroering rond fraude- en plagiaatgevallen in goede banen te leiden. Klasen was daarna betrokken bij het onderzoek naar de datafraude van neuroloog Gelmers, waarbij hij extra doordrongen raakte van het belang van onberispelijke procedures voor het onderzoeken van integriteitszaken.

Klasen was ook van meet af aan pleitbezorger voor het instellen van een beroepsorgaan, mede ter bescherming van de belangen van klager en beklaagde. Dat is er uiteindelijk gekomen in de vorm van het LOWI.

Tegenwoordig is Klasen vice-voorzitter van de Raad van Toezicht van de Vrije Universiteit/VU Medisch Centrum. Het moet juist hem hebben gestoken dat de Vrije Universiteit in de zaak-Kourtit/Nijkamp de eigen regeling bescherming wetenschappelijke integriteit tot drie maal toe niet heeft gevolgd: de melder is tegen de regels in (zie lid 3) nooit geïnformeerd over het oordeel over zijn eerste twee klachten; een deel van zijn derde klacht is niet-ontvankelijk verklaard zonder de beroepstermijn bij het LOWI in acht te nemen.

De Raad van Toezicht en het College van Bestuur van de VU gaan binnenkort met elkaar in discussie over de zaak, zo blijkt uit een e-mail van rector magnificus Frank van der Duyn Schouten.

 

Vrijdagmiddag-mail voor Ruimtelijk Economen VU

De terugtrekking wegens zelfplagiaat van twee artikelen van Peter Nijkamp en Frank Bruinsma/Karima Kourtit/Peter Nijkamp heeft voor nieuwe opschudding gezorgd binnen de afdeling Ruimtelijke Economie van de Vrije Universiteit. Vanmiddag ontvingen de medewerkers een bericht van afdelingshoofd Erik Verhoef, waarin hij met name ingaat op het artikel met drie auteurs.

“Further analysis, or a voluntary declaration of the author(s) in question, should make clear who is responsible for inclusion of re-used texts in the second of these. Because, although all co-authors are responsible for the contents of joint publications, they should of course also be able to trust that text contributions from colleagues deal with referencing in a correct way. It may take time before things will become clear. We express our moral support in advance for co-author(s) for whom it will become clear that they became involved in this without knowing.”

De oplettende lezer begrijpt aan wie hier steun wordt betuigd.

Derde retractie Nijkamp-artikel was fout redactie

De ene retractie is de andere niet. Het Amerikaanse blog over wetenschapsfraude Retraction Watch ontdekte behalve de twee wegens zelfplagiaat teruggetrokken artikelen van Peter Nijkamp en van Frank Bruinsma/Karima Kourtit/ Peter Nijkamp nog een derde retractie, in International Regional Science Review. De redactie meldt mij dat hier per ongeluk de drukproef was gepubliceerd zonder de door de auteurs Amitrajeet A. Batabyal (Rochester Institute of Technology) en Peter Nijkamp aangegeven correcties. Dat waren er zoveel dat terugtrekking van het gehele artikel beter was dan apart publiceren van deze correcties. Vervolgens is de juiste versie opnieuw gepubliceerd.

Zie verder dit eerdere blog over de opvattingen over zelfplagiaat van directeur onderzoek Joep Cornelissen van de VU-economen, met update van gisteren.

Mysterieus trio van onthuller ‘economenseks’

“Bijna één op de vijftig economen geeft toe weleens seks te hebben geaccepteerd of aangeboden in ruil voor een co-auteurschap van een wetenschappelijk artikel, toegang tot wetenschappelijke gegevens of iemands promotie”, berichtte NRC Handelsblad gisteren. Het artikel is geschreven door Sarah Necker van de Universiteit van Freiburg, zonder co-auteurs.

Hier is iets opmerkelijks aan de hand. De nu in Research Policy gepubliceerde resultaten staan als ‘Work in progress” al sinds februari 2012 online, maar dan van een trio met als eerste auteur Lars Feld (eveneens Universiteit van Freiburg), Necker als tweede auteur, en Bruno Frey (toen Universiteit van Warwick en Universiteit van Zürich). Uit het enquête-onderzoek van Necker blijkt niet onder welke omstandigheden en bij welke wederdiensten auteurs van plek kunnen wisselen of zelfs geheel kunnen verdwijnen.

Mogelijk is er een verband met de persoon van de derde auteur, Bruno Frey. Hij raakte in 2011 verstrikt in een zelfplagiaat-affaire met artikelen over de Titanic, die in de zomer van 2012 leidde tot zijn vertrek uit Zürich. De affaire bracht hem ook op de lijst van zelfplagiaatplegers van de economen-website repec.org.

Necker kan ongetwijfeld uitleggen waarom zij single is overgebleven na dit trio, maar heeft nog niet gereageerd op vragen.

UPDATE

Necker laat weten dat de versie uit 2012 was geaccepteerd voor een presentatie op een congres. “Na de beschuldigingen van zelfplagiaat heeft Bruno Frey zich teruggetrokken uit het project om te voorkomen dat de aantijgingen een belangrijk onderzoeksproject zouden doorkruisen.” Lars Feld kreeg een belangrijke bijbaan waardoor hij onvoldoende tijd had om  input te leveren die een co-auteurschap zou rechtvaardigen.

Vertrouwenscrisis bij economen na promotie Kourtit

Rond 7 uur woensdagavond heeft econome Karima Kourtit haar doctorsbul ontvangen in de aula van de Vrije Universiteit. De verdediging van haar omstreden proefschrift was niet helemaal een wassen neus. Hoogleraar Rick van der Ploeg, lid van de leescommissie, stelde Kourtit een lastige vraag over een ontbrekende onderverdeling in een tabel, waarop zij geen bevredigend antwoord kon geven. Hoogleraar Wim Hafkamp, eveneens lid van de leescommissie, had bedenkingen over een van de kernbegrippen in het proefschrift en ook die wist Kourtit niet weg te nemen. De titel werd vanzelfsprekend toch verleend.

Echt interessant werd het pas bij de afsluitende toespraak van promotor Henk Scholten. Hij bedankte rector magnificus Frank van der Duyn Schouten (“zonder hem geen examen”), waarmee hij nog eens bevestigde dat deze bestuurder de promotie heeft doorgedrukt, ondanks protesten. Scholten vertelde dat de gang van zaken voor “verwarring” heeft gezorgd binnen Ruimtelijke Economie en dat het “vertrouwen” binnen de afdeling is verdwenen.

Dat was tijdens de plechtigheid al duidelijk geworden uit de bescheiden hoeveelheid aanwezige hoogleraren van de faculteit in de aula. Buiten Kourtits “intellectuele vader” Peter Nijkamp had alleen milieueconoom Cees Withagen de toga aangetrokken.

Scholten ging ook in op vermeende datafraude in het proefschrift. Daarvan is volgens hem geen sprake. Ruwe data aan de hand waarvan dat kan worden aangetoond zullen nu beschikbaar worden gesteld aan belangstellende collega’s, kondigde Scholten aan. Scholten suggereerde dat de aantijgingen aan het adres van Kourtit voortkomen uit jaloezie over het grote aantal publicaties dat de eerste versie van haar proefschrift bevatte.

 

Rector magnificus bericht VU-medewerkers over zaak-Kourtit

Rector magnificus Frank van der Duyn Schouten van de Vrije Universiteit heeft afgelopen vrijdag een bericht op Intranet gezet om alle VU-medewerkers te informeren over de zaak rond het proefschrift van econome Karima Kourtit. Zij verdedigt aanstaande woensdag haar proefschrift Competitiveness in Urban Systems: Studies on the Urban Century. De rector schrijft: “Er is rondom haar promotie veel aandacht in de media geweest, ik vind het belangrijk om onze studenten en medewerkers uit te leggen wat er de afgelopen maanden is gebeurd. Bij vragen ben ik graag bereid die te beantwoorden.”

Vooruitlopend op mogelijke vragen geeft de rector een chronologisch overzicht vanaf mei 2013, toen de promotie van Kourtit moest worden uitgesteld vanwege een anonieme plagiaatklacht die binnenkwam bij de ombudsman wetenschappelijke integriteit. In dit overzicht geeft de rector een misleidende voorstelling van zaken over de handelingen van de anonieme klager.

De rector schrijft: “Inmiddels heeft dezelfde anonieme melder op 12 juni jl. een derde melding ingediend bij de Ombudsman Wetenschappelijke Integriteit van de VU. Deze melding betreft vermeende data-manipulatie in onder meer artikelen in het proefschrift van Kourtit. De VU en de uit internationale wetenschappers samengestelde leescommissie ontvingen vanuit dezelfde bron al voordat de melding officieel werd ingediend documenten waarin vermoedens van datamanipulatie werden uitgesproken.” Dit wekt de indruk dat de anonieme klager om zich heen heeft lopen strooien met documenten, eerst bij de VU en de leescommissie en daarna nog eens bij de ombudsman.

In werkelijkheid ontving de rector deze documenten via NRC Handelsblad, voor een reactie. In plaats van de documenten door te spelen aan de ombudsman, legde de rector een deel van deze documenten zelf voor aan de leescommissie (iets heel anders dan een integriteitscommissie). Vervolgens werd de promotie gepland voor 25 juni. De anonieme klager besloot daarna zelf naar de ombudsman te stappen met zijn bevindingen.

De geboorte van het Z-woord

“Zelfplagiaat is een mediawoord”, zei een woordvoerder van de Vrije Universiteit afgelopen april  tegen de Volkskrant. Oh ja?

“Zelfplagiaat bestaat niet”, schreef oud-KNAW-voorzitter Pieter Drenth diezelfde maand in NRC Handelsblad. Oh nee?

Terug naar mei 2013. Een VU-medewerker krijgt het proefschrift The new urban world van zijn collega Karima Kourtit onder ogen, waarop zij op 29 mei zal promoveren. De hoofdstukken zijn grotendeels al gepubliceerd in vaktijdschriften. Hij ontdekt in hoofdstuk zeven bij toeval een passage die zonder bronvermelding is overgenomen uit werk van een andere auteur. Daarna besluit hij het hele hoofdstuk via googlen van teksten te controleren, waarbij hij nog meer zonder bronvermelding gekopieerde zinnen en alinea’s vindt, ook in hoofdstuk zes. Hij verbaast zich bovendien over het in zijn ogen gebrekkige wetenschappelijke gehalte van deze hoofdstukken. Vanaf een speciaal aangemaakt e-mailadres meldt hij het plagiaat bij decaan Harmen Verbruggen en ombudsman wetenschappelijke integriteit Peter Hollander. Hij somt op uit welke bron de passages zijn gekopieerd. Ook meldt hij zijdelings dat hoofdstuk zes en hoofdstuk zeven veel gekopieerde alinea’s bevatten uit diverse werken waaraan Nijkamp als co-auteur heeft bijgedragen, terwijl het proefschrift niet vermeldt dat ze daaruit afkomstig zijn. De ombudsman vraagt diezelfde dag nog toelichting over deze gekopieerde alinea’s uit eigen eerdere publicaties. “Mogelijk is er in die gevallen sprake van zelfplagiaat en ook dat hoort niet plaats te vinden in wetenschappelijk werk”, schrijft Hollander in een e-mail in mijn bezit. De VU-medewerker vult zijn klacht op Hollanders verzoek aan met voorbeelden van zelfplagiaat uit hoofdstuk zeven.

Het woord ‘zelfplagiaat’ is op 21 mei 2013 geïntroduceerd in deze zaak door Peter Hollander, later lid van de commissie-Drenth. Wie zei ook alweer dat zelfplagiaat niet bestaat? Welke universiteit beweerde dat het een mediawoord is?

Buitenlandse pers over zaak-Förster

Het heeft even geduurd maar de Duitse pers heeft de zaak-Förster nu ook opgepikt.

De Tagesspiegel heeft er een artikel aan gewijd en vandaag verscheen in de Süddeutsche Zeitung een vertaling van het artikel dat ik vorige week in Science publiceerde over de zaak.

Förster heeft zelf op de website van zijn lab een nieuwe reactie gegeven, waarin hij ingaat op het vorige week gepubliceerde advies van het Landelijk Orgaan Wetenschappelijke Integriteit. De sociaal psycholoog houdt vol dat hij zich niet schuldig heeft gemaakt aan datamanipulatie.

Ook de Amerikaan Uri Simonsohn, ontmaskeraar van de Rotterdamse psycholoog Dirk Smeesters, heeft zich nu in de discussie gemengd. Hij liet met zijn collega Leif Nelson twee andersoortige analysemethodes los op het gewraakte artikel van Förster en Denzler.  Hun conclusie op dit blog : “(…) we have a conceptual replication of ‘these data are not real’.”

 

De verdwenen vragenlijsten van Jens Förster

De klager in de zaak-Förster vroeg na publicatie van het gewraakte artikel in Social Psychological and Personality Science vergeefs naar de ruwe data, zo blijkt uit de klacht.

Hoogleraar sociale psychologie Jens Förster zegt er nu spijt van te hebben dat hij de vragenlijsten van zijn experimenten heeft weggegooid bij een verhuizing naar een kleiner kantoor. “Dat gebeurde op advies van een collega die de Nederlandse gebruiken voor archiveren kende”, zo schrijft Förster in een open brief aan zijn collega’s.

Deze collega en Förster zelf waren kennelijk niet op de hoogte van de richtlijnen van de American Psychological Association (APA), die ook worden nagevolgd door Social Psychological and Personality Science, waarin het artikel  in 2012 verscheen (in juni 2011 al online verschenen). Ten tijde van publicatie gold de zesde editie van de APA-richtlijnen. Daarin staat op p. 12:

“Authors are expected to retain raw data for a minimum of five years after publication of the research. Other information related to the research (e.g., instructions, treatment manuals, software, details of procedures, code for mathematical models reported in journal articles) should be kept for the same period; such information is necessary if others are to attempt replication and should be provided to qualified researchers on request (APA Ethics Code Standard 6.01, Documentation of Professional and Scientific Work and Maintenance of Records).”